Incontinentiebroekje voor vrouwUrineverlies door een bepaalde inspanning kan worden veroorzaakt door zwakke bekkenbodemspieren. Deze spieren ondersteunen de blaas en helpen het openen en sluiten van de blaashals bij het urineren te beheersen. Als de bekkenbodemspieren zwakker worden dan kan de blaashals zakken wat leidt tot ongewild verlies van urine als de spanning in de buik toeneemt. Bij een lichte vorm van inspanningsincontinentie lekt er een kleine hoeveelheid urine uit de blaas bij inspannende activiteiten. In ernstige gevallen ontsnapt de urine bij tillen of hoesten.

Incontienentiemiddelen voor man en vrouw
 
Meer info & bestelmogelijkheden

Inspanningscontinentie komt vooral bij vrouwen voor. De aandoening doet zich vooral voor:

  • voor een zwangerschap
  • tijdens een zwangerschap
  • na een operatie in het bekkengebied
  • na de overgang
  • bij het ouder worden
  • baarmoederverzakking, endeldarmverzakking of een verzakte blaas

De kans op deze aandoening neemt toe met overgewicht of chronisch hoesten.

1. Behandeling

Inspanningscontinentie kan op de volgende wijze behandeld worden:

  • fysiotherapie
  • medicijnen
  • een ring
  • een operatie
  • kegeloefeningen

Een operatie levert gewoonlijk verbeteringen op en kan de controle over de blaasfunctie vrijwel geheel herstellen waardoor er geen urineverlies meer optreedt. Hou er wel rekening mee dat de klachten kunnen terugkeren en er een kleine kans is op complicaties.

2.  

Om incontinentie te verminderen kunnen kegeloefeningen helpen, deze oefeninfg versterkt de bekkenbodemspieren. Ja kan dit zittend, staand of liggend uitvoeren en probeer dit minimaal éénmaal per uur. Om te bepalen wat uw bekkenbodemspieren zijn, moet u zich voorstellen dat u plast en ineens op moet houden. De spieren die u rond uw vagina, urinebuis en endeldarm voelt aanspannen zijn de bekkenbodemspieren.

Om deze sterker te maken kunt u de volgende oefeningen doen:

  • span de bodemspieren gedurende 10 seconden
  • ontspan de spieren langzaam
  • herhaal dit 5 tot 10 keer

3. Urineverlies in bed

Bedplassen wordt alleen als abnormaal beschouwd als incontinentie zich nog steeds voordoet bij een kind dat ouder dan 6 jaar is. Kinderen houden meestal op met in hun bed te plassen als ze tussen 3 en 6 jaar zijn. Rond het vijfde jaar plast één op de tien kinderen regelmatig in bed, rond het tiende jaar is dat één op twintig.

Desmopressine wordt soms gegeven bij bedplassen bij oudere kinderen of volwassenen.